Afdrukken

‘Bokken en geiten eten boompjes, schapen niet’

ERMELO – Volgende week is het vijf jaar geleden dat er als pilot zeven Nederlandse Landgeiten werden uitgezet op het Houtdorper- en Speulderveld. Het was een proef van de gemeente Ermelo om op deze manier de heide te beheren. Er werd een gebied afgezet van vier hectare waar de geiten het jaar rond kunnen leven. Wat is na vijf jaar de uitkomst van deze pilot?

Overigens, de geiten op de heide zijn mannelijke dieren van het oude landgeitenras, dus zijn het bokken. Dit vertelt Henk Jan Zwart, bosbeheerder bij de gemeente Ermelo ons. Nu, vijf jaar na de start van de pilot, kan men spreken van een succesvol project. Het is uitgegroeid tot reguliere begrazing aan de randen van de hei om bebossing richting de heide in te dammen en zo de heide terug te krijgen. Begonnen op vier hectare begrazen de bokken (én geiten) nu zo’n zestien hectare, dat doen zij in verschillende vakken. ,,Op een andere locatie lopen inmiddels ook de geiten. Om allerlei redenen lopen bokken en geiten apart. De geiten lopen er nu twee jaar. Verschil is dat de geiten 's nachts van de hei af gaan en 's morgens weer aan het werk worden gezet. De bokken lopen er jaarrond dag en nacht,’’ aldus Zwart. ,,De inzet van de bokken wordt voortdurend geëvalueerd. Er wordt gekeken naar de gezondheid van de dieren enerzijds:'hoe doen ze het op een schraal dieet?' en naar de inzet en effecten anderzijds: ‘wat doen ze precies en wat is daarvan het effect?’

Effectief

De inzet van de geiten en bokken is uiterst effectief. Want, in tegenstelling tot schapen zijn de bokken vooral op boompjes georiënteerd. Ze vreten ze kaal, en als ze niet meer bij de hogere takken en blaadjes kunnen, klimmen ze in de boompjes (die vervolgens doorbuigen) en vreten ze opgewekt verder. Zo slopen ze complete ‘struwelen’. Zwart: ,,Zelfs grove dennen komen aan de beurt, al geven de bokken de voorkeur aan soorten als hulst, berk en vuilboom. Bomen en boompjes sterven af, nadat ze herhaaldelijk zijn aangevreten. Het enige wat we daarna nog doen: boompjes afzagen en laten liggen. Vervolgens kiemt de hei weer en na verloop van tijd ook gras: kwestie van de schapen er weer overheen laten lopen om het gras te laten verteren.’’ Het effect hiervan is dat er weer licht op de bodem komt: essentieel voor heide en allerlei andere planten. ,,Door de rottende boomstammetjes en de bokkenuitwerpselen ontstaat geleidelijk een iets rijkere ('iets minder arme') humuslaag, waardoor de bodem op den duur iets minder gevoelig voor verdroging wordt en waardoor op termijn ook andere nectarplanten zullen terugkeren: belangrijk voor tal van wilde, bestuivende insectensoorten.’’

Studenten

,,Het stuk waar we destijds zijn begonnen is weer een gewoon heideveld geworden. Momenteel zijn er meerdere aaneengesloten stukken struweel (overwoekerd heideveld) afgerasterd: de bokken lopen momenteel in het derde gedeelte. Het tweede gedeelte zal mogelijk nog een keer 'behandeld' moeten worden (daar moeten sowieso nog dode en halfdode boompjes worden afgezaagd), het eerste gedeelte is nu schoon: daar moeten de schapen binnenkort een keer uit eten gaan,’’ vertelt Zwart. Elke zomer komen er studenten van de Wageningse Universiteit (meestal van de studie Bos- en natuurbeheer) in het kader van vegetatiekunde naar deze heide. Ze krijgen dan een gastles van Henk-Jan Zwart  in de Leemputten en ze doen o.a. onderzoek naar de effecten van maaien en begrazen op het Houtdorper- en Speulderveld. ,,En daarbij kijken ze ook naar stukken heide waar niks is gedaan, waar gemaaid is, waar geplagd is, en ze kijken naar de effecten van respectievelijk Veluwse (en Schonebeker) heideschapen, landgeitenbokken (en -geiten), heidekoeien, Schotse hooglanders en Brandrode runderen. Het is nog aardig pril en er kan nog van alles gebeuren, maar alle maatregelen hebben effecten.’’

Belangrijk

,,De algehele conclusie die we zelf al getrokken hebben is dat alle maatregelen naast elkaar belangrijk zijn: alles voegt iets toe aan de ontwikkeling van flora en fauna. Hoe meer variatie, hoe beter. Maar dit soort proeven hebben een looptijd van minstens 10 jaar om er iets zinnigs over te kunnen zeggen. Er zal t.z.t. ook nog bodem chemisch onderzoek gaan plaatsvinden.’’ De korte termijneffecten van de schapenbegrazing zien er volgens de bosbeheerder veelbelovend uit: het gras wordt gekortwiekt, zodat andere planten (heidesoorten, pilzegge) geen of nauwelijks concurrentie ondervinden van bijvoorbeeld pijpenstrootje (wat op zich een nuttige plant is, vooral voor sommige insecten en voor reptielen - maar overal waar 'te' voor staat is niet goed). ,,We houden dus voortdurend de vinger aan de pols! Doel is niet: begrazen, maar: een gevarieerd heidelandschap ontwikkelen waar tal van planten- en diersoorten uit de voeten kunnen.’’