DakarRally achter de rug, nu weer aan het werk

ERMELO – Velen hebben de afgelopen weken de belevenissen van Klaas Staal in de Dakar Rally gevolgd. Nu is hij al weer onvermoeibaar aan het werk. Geen spoortje vermoeidheid in zijn vrolijk en open gezicht. Hij is wel bruiner dan de gemiddelde Ermeloër. Geen wonder, hij is net drie weken in Zuid-Amerika geweest. Geen vakantie, wel heel heet.

Tjonge wat heeft Klaas Staal wat meegemaakt. Een jongensdroom? ,,Nou, nee dat ook weer niet. Ik keek vroeger wel eens naar de DakarRally op televisie, maar dat was het ook wel.’’ Hij werd door het Dakarvirus gegrepen toen hij in Harskamp werkte. ,,Het hele dorp is helemaal gek van Dakar, en dat komt vooral door Martin van den Brink. Dus ben ik me er in gaan verdiepen en heb met hem een trainingsprogramma op gezet ter voorbereiding voor Dakar 2012. Na mijn verhuizing naar Ermelo is Van den Brink blijven komen en hebben we het trainingsprogramma verder uitgewerkt. Naast training van nek- en schouderspieren doe ik ook oogtraining met Van den Brink om zijn reactievermogen en coördinatie te verbeteren. Verder doe ik de Ästrand-test. Dat meet de hoeveel zuurstof per kilo lichaamsgewicht. Dat geeft dan een indicatie over je conditie. Daar kwam uit dat hij een beregoede conditie had, maar wel wat te zwaar was. Daar zijn we op gaan trainen. Een winnaar in de Dakar heeft niet alleen een goede truck maar ook een sterke conditie en keihard.’’ Voor coureur Martin van den Brink is pijn iets wat er bij hoort. ‘’Een goede race rijden hangt af van hoeveel pijn je kunt verdragen,’’ zegt hij dan ook. Er zit geen vering in de cabine dus je krijgt als coureur nogal wat te verduren. De klappen die je krijgt, hakken er behoorlijk in. Vorig jaar werd Staal door het team MammoetRally gevraagd om mee te gaan naar Argentinië. Voor het team was het nieuw om een fysiotherapeut mee te nemen. Sommige professionele teams hebben eigen artsen en een half hospitaal bij zich. Dat is voor de Nederlanders (nog) niet weggelegd. Zij doen veel in vrije tijd en de meesten hebben er dan ook een baan bij. ,,We moesten dus ook alles zelf uitzoeken. Ik heb van alles wat wij in onze fysiopraktijk gebruiken, meegenomen zoals tape, massage-olie en andere zaken. Ook een behandeltafel maar daar moesten we een aanpassing voor maken. Er moesten een soort van klossen onder zodat het niet in het zand zou zakken. Daarbij moest alles ook nog wel een vaste plek krijgen in de wagens.’’

Teamgevoel

De Renaulttrucks werden als basis in Tsjechië gemaakt maar verder in Nederland opgebouwd en getest worden. Alles moest uitgeprobeerd worden en daar waren de monteurs elke woensdagavond en zaterdag mee bezig. De laatste weken zelfs wel vaker. Er moesten namelijk twee racetrucks en verder andere trucks en wagens klaargemaakt worden. ,,En dan te bedenken dat ze dat allemaal in hun vrije tijd doen. Geweldig. Wat mij bijzonder heeft geraakt is het teamgevoel tijdens de race. We zaten met twintig man op elkaars lip, meestal totaal uitgeput door weinig of geen slaap en er viel geen onvertogen woord. Er was echt geen moment van ruzie of narigheid. Dat de mannen doodmoe waren bleek wel eens tijdens een maaltijd. ,,Zat je bij elkaar, hoorde je ineens een bonk. Klapte er iemand met z’n kop op tafel omdat hij gewoon in slaap viel.’’ lacht Staal. De taken in het team waren verdeelt en iedereen hield zich eraan. Als er iemand klaar was met z’n taak, pakte deze gewoon wat anders op wat nodig was. Geen enkel probleem. Naast de verzorging had Staal ook nog andere klussen toebedeeld gekregen. ,,Ik maakte dagelijks de cabine schoon, poetste de ruiten, vulde de camelbags en legde de racespullen voor de coureurs klaar. Daarnaast doe je klussen die je tegenkomt. Je moet werk zien en dan is er altijd wel wat te doen. Water halen voor de monteurs die nachten moesten buffelen, extra pot verse koffie brengen en sateetje of eitje maken. Voor elkaar zorgen, dat was belangrijk.’’ Ik had van te voren geen idee wat ik kon of moest verwachten. In het vliegtuig op weg naar Argentinië vroeg ik Jan Willem wat ik kon verwachten. ,,Alles loopt altijd anders.’’ was zijn antwoord. ,,En dat klopte dus ook. Niets is zoals het gepland is, alleen de starttijd staat vast.'' Het lastigste vond Staal dat er eigenlijk niets gepland kon worden. En natuurlijk de weinige uren slaap. Hoewel dat op zich niet eens zo’n groot probleem is geweest. ,,Ik had van de gouden Dakarregel gehoord en me daar aan proberen te houden: ‘Eet wanneer je kunt eten, slaap wanneer je kunt slapen en tank wanneer je kunt tanken’. Daar kom je het verst mee.’’

Ervaring rijker

Weer terug in Nederland heeft hij toch wel enkele dagen nodig gehad om weer op de been te komen. En zich natuurlijk gaan richten op zijn gezin; zijn vrouw en zijn drie meiden. Na enkele dagen is hij weer aan het werk gegaan. En heeft vorige week Van den Brink alweer ‘onder handen’ gehad. En volgend jaar? ,,Tja, dat hangt wel van een aantal zaken af. Het team heeft zich voor drie jaar aan dit project verbonden want dat gaat vooral over de kwaliteit van de trucks en de techniek. Fysio Ermelo Prins&Staal en ik zelf blijven sowieso ook aan het project verbonden om het team te trainen en begeleiden. Ik zelf zou ook graag weer mee willen, maar dat hangt nog wel van een paar dingen af.’’