Dirigeren lijkt eenvoudig, maar is het vooral niet

ERMELO – Donderdagavond was voor de kandidaten van de Maestro 2015 de eerste repetitie met het orkest. Chr.Harmonie Crescendo was in vorm en zat er helemaal klaar voor. De kandidaten nog niet helemaal.

Alle vijf de kandidaten hadden al twee privérepetities gehad bij Hilda Versluis, dirigent bij Crescendo. Daarbij hadden ze hun eigen baton (dirigeerstokje) ontvangen en de muziekkeuze. De kandidaten zaten klaar toen Crescendo door dirigent Ronald Slager werd ingespeeld. De gezichten stonden gespannen. Nu zou het dan echt moeten gebeuren. Ieder voor zich vroeg zich af of hij of zij er klaar voor zou zijn. De avond zou het leren. De kandidaten neurieden, tikten en telden met de muziek mee. De mobieltjes en Ipads werden in de aanslag gehouden om elke beweging van Ronald Slager vast te leggen. Voor thuis… Ieder voor zich nam muziek in zich op, de een zittend, de anders staand of lopend. Sjaak Teuwissen had al zijn aantekeningen en bladmuziek meegenomen. Hem zou niemand vanavond verrassen.

Spannend maar leuk

Als eerste mocht wethouder Jan van den Bosch de bok beklimmen. Met een bleek en gespannen gezicht probeerde hij het orkest in het ritme te houden. En dat viel nog niet mee. ,,Wees gewoon lekker jezelf. Het is ongetwijfeld enorm spannend om hier voor het orkest te staan, maar maak gewoon lol,’’ sprak Ronald Slager hem bemoedigend toe. Van den Bosch hief zijn baton en het orkest barstte los. Het ging hem aardig af, al had hij zelf dat idee helemaal niet. ,,Wat vooral lastig is, is de opmaat. Je kunt dit op verschillende manieren doen,’’ doceerde Slager. ,,Kijk, zo of zo of zo. Het eerste is heel veilig, een soort van administratief zeg maar. Maar dat is voor het orkest niet echt uitnodigend. Mooier is natuurlijk als je wat hoger gaat zitten. Je hoeft eigenlijk alleen maar in te ademen. Zo simpel, dat kan zelfs met je handen in je broekzak.’’ Slager deed dit voor en het orkest volgde hem feilloos. ,,Het tempo zou wel wat sneller kunnen,’’ meldt Hilda Versluis tussen door. Ze loodst Jan van den Bosch door zijn eerste repetitie. Van den Bosch: ,,Het is heel erg wennen en ook voor het eerst dat ik dit doe. Maar het is ook wel heel erg leuk.’’ Met een zucht van verlichting stapt de wethouder van de bok

Goed ritme

Van een heel ander kaliber is predikant Sjaak Teuwissen. ,,Dit is mijn première,’’ meldt hij het orkest. Dat dit voor alle kandidaten gold, was hij blijkbaar even vergeten. Dat Teuwissen gewend is om voor een groep te staan, is direct te zien. Schijnbaar zonder enige gene dirigeert hij alsof hij nooit iets anders heeft gedaan. Ten opzichte van de redelijk conservatieve wethouder, swingt deze dominee haast van de bok af. ,,Je heupen zitten flink los,’’ merkt Hilda Versluis op, ,,maar let wel goed op het orkest. Zij moeten wel met je mee.’’ Ook Nero de Boer zit goed in zijn tempo. Eigenlijk iets té, want het orkest krijgt van hem haast geen tijd om adem te halen. ,,Je hebt een goede image, een mooie kop en een mooie hoed,’’ reageert Slager. Maar, die hoed staat te diep op je ogen waardoor de orkestleden je ogen niet kunnen zien. Je moet toch ook oogcontact maken met het orkest.’’ De Boer schuift zijn mooie Italiaanse zomerhoed wat verder op zijn achterhoofd. Ook Natalie Overkamp moest er vanavond aan geloven. ,,Ik zag je toch wel heel moeilijk kijken,’’ sprak Slager na de eerste dirigeersessie. ,,Maar hoe moeilijker jij kijkt, des te moeilijker speelt het orkest.’’ Als laatste mocht Willemien Blankenaauw zich presenteren. Ze kwam later dus had een groot gedeelte van de repeties gemist. Toch ging het haar goed af. ,,Verwar tempo niet met energie,’’ gaf Slager haar mee. ,,Want daarmee breng je het orkest in de war.’’ Zo vlogen de tips en tricks door de ruimte. Hoewel er heel serieus werd geoefend, was er ook vooral veel plezier en werd er veel gelachen. Het bleef die avond nog lang gezellig in De Muzenhof.