Opnieuw gebrek aan vertrouwen  

ERMELO - Schrijven we geschiedenis of is het een herhaling van zetten? De bestuurscrisis op het Ermelose gemeentehuis is er een die bij een aantal mensen als een soort déjà vu voorbij trekt. Uit onderzoek blijken er veel parallellen te zijn tussen de burgemeesters André Baars (CDA) en toenmalig burgemeester Theo Bunjes (CDA). Overeenkomsten die verder gaan dan dezelfde politieke kleur. Overeenkomsten die resulteren in onwerkbare situaties en verkenners van buiten die moeten worden ingevlogen om problemen te analyseren.

‘Alle neuzen in het gemeentebestuur van Ermelo moeten weer in dezelfde richting.’ Een zin uit het rapport van dr. Theo Camps, opgesteld in 1997. Camps stelde dat er destijds sprake was van een permanente strijd in machtstermen tussen raad en het ambtelijke organisatie. Hij sprak over wantrouwen en complottheorieën. Het lijkt of Camps schrijft over het heden, maar niets is minder waar. Toch passen zijn woorden, een rapport uit 1997, ook bij de huidige situatie.

Gebrek aan vertrouwen

Burgemeester André Baars, de wethouders en de fractievoorzitters liggen momenteel onder een vergrootglas. Ditmaal is er een rapport, opgesteld door professor dr. Paul Frissen en dr. Martin Schulz. Hierin staat dat er tijdens een heisessie van het college in december 2019 een laatste waarschuwing werd uitgesproken naar de Ermelose burgemeester. Hij moest zijn gedrag te veranderen. Duidelijk is het gebrek aan vertrouwen. En dat was ook het kenmerkende van de onderlinge verhoudingen eind jaren ’90.

Burgervader

Camps pleitte destijds voor de aanstelling van een ombudsman. „Een onafhankelijke derde moet een oordeel over problemen kunnen uitspreken. Een kleine klacht wordt nu te snel tot een politiek feit”, aldus de onderzoeker in 1997. Frissen heeft het over een verzoening. ‘Verzoenen met het verleden en met elkaar’. Letterlijk zegt men over het Ermelose bestuur: ,,Het valt te typeren als roddelcultuur”. Burgemeester André Baars herkent zich in de conclusies van het rapport. Wethouders missen in hem een echte burgervader.

Geschiedenis

Raadsleden uit de periode van burgemeester Bunjes zien ook in karakter overeenkomsten. Baars omschrijft het als ‘directief’, maar menigeen noemt het onprettig. Toen en nu sprak/ spreekt men over gedeelde normen en waarden, over posities en de rol als verbinder die een burgemeester moet nemen in moeilijke situaties. En daar waar Baars landelijke bekendheid kreeg in het tv-programma Opstandelingen, werd Bunjes bekend door de asielzoekers op de Ermelosche Heide. Het beeld van kleumende mensen in het verregende, modderige tentenkamp bleef langer hangen dan de bestuurlijke nuances. Voor wie zich nu afvraagt wie het wethouderschap in die jaren vervulden: In 1994 waren het twee CDA-wethouders Klaas van Diermen en Eibert Kuiper, GPV/ RPF Evert van de Beek, VVD Theo Tromp en Progressief Ermelo Wim Oosterhuis. In 1998 volgde Dirk de Vries Reilingh Oosterhuis op en verliet Van Diermen het college. Bunjes ging op 1 september 2000 met vervroegd pensioen. Wanneer burgemeester André Baars vertrekt, zal de komende weken moeten blijken. Op woensdag 28 oktober vindt er een vergadering plaats die volledig in het teken staat van het onderzoek naar de politieke strubbelingen. Twee weken later volgt het debat. Dan zal blijken of er nog draagvlak is voor de positie van deze burgemeester. Dan pas weten we of er geschiedenis wordt geschreven.